Kleur van mest

De gezondheid van duiven wordt heel vaak ingeschat aan de hand van de mest. Zoals jullie vast allemaal weten zien wij het liefst donker groene mest met een klein laagje wit erover en mest dat tamelijk vast is. Men zegt ook wel eens dat het bolletjes moeten zijn. Nu de groene kleur is afkomstig van de gal. De galblaasinhoud komt via een kleine afvoergang in de darm terecht en is bij vogels groen van kleur, dit in tegenstelling met de gal van zoogdieren want die is bruin van kleur met als gevolg ook bruine stoelgang. Het wit laagje dat over het mest ligt zijn uraatkristallen, afkomstig van de nieren. Vogels urineren en defaeceren gelijktijdig van daar dus de witte keur. Nu de kleur wordt verder ook nog bepaald door de voeding. Veel groenten of erwten geeft ook een groene kleur aan de mest terwijl grit, roodsteen of milo de mest bruin laat uitslaan. Soms kan de mest ook bleker van kleur zijn wat dan weer op lever of alvleesklier problemen kan duiden.
Mest moet normaal bolletjes zijn. Zeker niet slijmerig of waterig. Zoals we al eerder zeiden komt de urine samen met de mest door de cloaca naar buiten en te waterig mest is nooit goed. Een typisch voorbeeld is zeker en vast het waterige mest bij paramyxo. De duiven hebben een aantasting van de nieren te verduren ten gevolge van het virus. De waterresorptie ter hoogte van de niertubuli verlopen niet zoals het hoort met als gevolg veel drinken en zeer waterig mest. Nochtans hoeft dit niet altijd het geval van ziekte te betekenen. Wij zagen ook al heel wat weduwnaars waterig mest maken op het moment dat ze driftig werden. Veel drinken was hun part en waterig mest het gevolg.
De mesthoeveelheid mag trouwens ook niet te groot zijn. De kampioenen onder ons zien graag, kleine mestbolletjes, dat beteken “forme “ en daar is iets van aan. Kleine hoeveelheden mest betekent een goed spijsvertering. Bij grotere hoeveelheden kan het zijn dat de spijsvertering gestoord is doormiddel van ziekte. Zo zien wij al eens vaker grotere mestplakken liggen bij spoelworminfecties of bacteriële aandoeningen van de darm zoals salmonella of paratyphus.
Slijmerig mag de mest in ieder geval ook nooit zijn. Groene slijmerige mest wijst vaak op leverproblemen, slechte spijsvertering of een probleem ter hoogte van de darm. Zowel bij virale problemen als het adeno virus als bij bacteriële problemen zoals paratyphus vinden wij groene slijmerige mest.
Vergeet wel ook niet er rekening mee te houden dat duiven die één of meerdere dagen geen eten gekregen hebben of duiven die een zware vlucht achter de kiezen hebben ook groene slijmerige mest produceren. Ook bij broedende duiven moet men opletten om voorbarige conclusies te trekken uit de mest kwaliteit.
In ieder geval is en blijft mest een mooie parameter van de “forme”. Blind gaan kuren in geval van slecht mest heeft geen zin. Soms kan men wel al eens de proef op de som nemen en enkele dagen appelazijn in het water doen. Wordt de mest dan direkt beter dan kan men spreken van nerveusiteit en zal dit zeker niet samengaan met een ziekte. Indien het mest niet ok is brengt men best zo spoedig mogelijk een mestmonster binnen bij de dierenarts. Hij kan heel vaak door een simpel microscopisch onderzoek de oorzaak achterhalen. Beter nog altijd voorkomen dan genezen als je het ons vraagt.